Tools voor Wikimedia
Geplaatst op 5 oktober 2026Zoals voor elk onderwerp een artikel is op Wikipedia, is er ook voor elke taak een tooltje. Maar wat zijn tooltjes? Wie maakt ze? En waar kun je ze vinden? In deze blogpost vertelt Hay Kranen, die sinds 2005 Wikimediaan is en inmiddels meer dan 35 tooltjes heeft gemaakt, hoe dat zit.
Frustratie
Het begon met frustratie over iets dat niet goed werkte. In 2013 en 2014 was ik Wikipedian in Residence voor het Nationaal Archief en de Koninklijke Bibliotheek. In die functie verbond ik de medewerkers van beide instellingen met de wereld van Wikimedia. Dat deed ik door cursussen te geven en contentdonaties te begeleiden. Maar ik deed ook nog wat anders dat niet in mijn functieomschrijving stond: veelvoorkomende handelingen vereenvoudigen die anders te veel tijd kosten.
Dat begon met de catalogus van de KB. Wikipedia bestaat bij de gratie van goede referenties en bronnen. Natuurlijk is daar de catalogus van de KB een uitstekende bron voor. Er staan zo’n beetje alle boeken in die ooit in Nederland zijn gepubliceerd. De catalogus had echter een probleem: je kon niet makkelijk linken naar één specifiek boek. Had je een boek gevonden en ververste je vervolgens de pagina, dan was je het boek weer kwijt. Heel onhandig als je een boekverwijzing in een Wikipedia-artikel wilde opnemen.
Gelukkig kon ik programmeren en schreef ik een klein tooltje. Een bookmarklet die je kon opslaan in je browser. Als je daar op klikte, kreeg je een permalink die altijd terugging naar het boek dat op dat moment op je scherm stond. Klaar om in een Wikipedia-artikel te verwerken. Inmiddels zit deze functionaliteit standaard in de KB-catalogus. Maar destijds was het erg handig en mijn collega’s bij de KB maakten er dan ook graag gebruik van.
Het begin van meer dan 35 tools
Dat tooltje zette ik op een website bij Toolforge, een speciaal platform voor tools waar Wikimedianen gebruik van kunnen maken
Sinds 2 januari 2014 heb ik daar een pagina waar je al mijn tools op kunt vinden. Want het bleef niet bij dat ene handige KB-tooltje. In de afgelopen twaalf jaar maakte ik er meer dan 35. Sommige zijn klein en hebben maar één functie, andere zijn juist heel uitgebreid en behoorlijk complex.
Ecosysteem
De Wikimedia-tools zijn onderdeel van een rijk ecosysteem. Hoeveel er precies zijn weet niemand. De verschillende verzamelpagina’s (daar zijn er dus ook meerdere van) komen uit op aantallen van 4.000 tot meer dan 50.000. En dat kan van alles zijn. Van manieren om heel specifiek te zoeken naar Wikipedia-pagina’s, tot het vinden van nog niet gefotografeerde objecten in je omgeving, tot open source alternatieven voor datumprikker.nl.
Je kunt je afvragen: waarom zijn die tools überhaupt nodig? Zijn de standaard functionaliteiten van de verschillende Wikimedia-projecten niet goed genoeg? De ervaring leert dat mensen heel verschillende doelen en vragen hebben als ze werken op de projecten. Sommige toepassingen zijn zo ontzettend niche dat er nooit een functie voor zal worden ingebouwd in de standaard Wikimedia-software (Mediawiki). Maar ook het proces om zo’n functie in te bouwen kan developers afschrikken. Daar komt tijd en moeite bij kijken. Zelf een tooltje bouwen kan dan een makkelijk en snel alternatief zijn. Desondanks betekent het bouwen van een los tooltje niet dat de functie nooit in Mediawiki zal verschijnen.
Toen Wikidata bijvoorbeeld net nieuw was, bestond er nog geen query service (de manier om de data te bevragen). Magnus Manske, de OG tooltjesmaker, bouwde toen een eigen query service. Later werd de standaard query service gebouwd, waarbij ongetwijfeld goed is gekeken naar de versie van Magnus.
Van eigen overzicht naar Toolhub
Hetzelfde gebeurde met een van mijn populairste tools.
De enorme hoeveelheid tools begon mij in 2014 een beetje te duizelen. Zoals ik al zei: frustratie is de moeder van alle tools, dus daar deed ik wat aan. Ik bouwde de ‘Tools directory‘. Een overzicht van alle tools.
Toolbouwers waren zelf verantwoordelijk voor het publiceren van metadata (data over hun tools) die ik vervolgens ophaalde en presenteerde in een simpel overzicht. Dat werd zo’n succes dat de Wikimedia Foundation in 2021 zelf een vervanger bouwde: de Toolhub.
Ze bouwden daarbij echt voort op wat ik had bedacht. Het formaat voor de gegevens van de tools was een evolutie van mijn oorspronkelijke formaat.
En zoals dat gaat, wordt er inmiddels ook weer gewerkt aan een opvolger: Toolhub Evolved.
Mensen achter de tools
Ik ben dus niet de enige die tools bouwt. Er zijn honderden, misschien wel duizenden Wikimedianen die zich ermee bezig houden. We komen elkaar tegen bij conferenties, zoals de Wikimedia Hackathon afgelopen mei in Milaan. Daar praten we met elkaar over de problemen die we tegenkomen bij het bouwen van tools en over manieren om ze te verbeteren.
De conferenties zijn ook een mooie manier om de gebruikers van je eigen tools te ontmoeten. In 2021 bouwde ik Depictor. Dit is een tool om op een mobiel-vriendelijke manier structured data toe te voegen aan afbeeldingen op Wikimedia Commons. Depictor werd positief ontvangen. Niemand was echter zo enthousiast als de Poolse Pjotr “PMG” Gackowski. In vijf jaar tijd deed hij met de hand meer dan 1,5 miljoen bewerkingen met mijn tool. Tijdens de afgelopen Wikimania-conferentie in Parijs gaf hij een presentatie waarin hij een kijkje achter de schermen bood. Je zou het niet verwachten, maar die presentatie was heel grappig.
AI
De opkomst van AI en LLM’s is niet onopgemerkt gebleven bij de makers van tools. Net zoals bij alles wat AI aanraakt zijn er voor- en nadelen te noemen.
Een voordeel is dat mensen die vroeger geen tools konden bouwen, dat nu opeens wel kunnen. Technische kennis is wel vereist, maar je hoeft geen ervaren programmeur meer te zijn.
AI kan ook helpen bij het beoordelen van tools. De eerder genoemde Toolhub Evolved geeft tools automatisch een ‘health score’., Dat kan helpen bij het beoordelen of een tool goed wordt onderhouden. AI kan ook helpen om in het enorme aanbod de juiste tool te vinden.
Maar natuurlijk zijn er ook nadelen aan de opkomst van AI. Ik heb hier eerder uitgebreid over geschreven in twee lange artikelen. AI haalt iets weg van het vakmanschap van het programmeren en misschien ook wel van het sociale aspect van samen met andere mensen iets bouwen.
Onze bezoekers, of dat nu lezers van Wikipedia zijn of gebruikers van onze tools, moeten er van op aan kunnen dat we betrouwbare teksten en tools maken. Hopelijk kan ik, samen met veel andere toolmakers, dat nog lang blijven doen.

